Frivolité

1. Een stukje geschiedenis

 

Het werken met garen, al of niet met naald of schuitje is al heel oud. Het breien/boeten van visnetten, schiemanswerk, naaldbinden, filetknopen, coxcombing (vissers), Chinees knoopwerk, Egyptisch knopen, macramé, katnings en plattings, noem maar op. Voor warmte (kleding), reizen (zeilen), voedsel (visnetten), of sier.

 

Vissers van alle tijden en windstreken maakten in de windstille uurtjes de mooiste knoopwerken en brachten dat mee naar huis, voor hun vrouwen of liefjes. Vrouwen gaven elke volgende generatie de kennis door die zij weer van andere vrouwen hadden geleerd. Zo ontwikkelden zich allerlei technieken en ontstonden er per streek kleine verschillen. Het knoopwerk met de naald is ouder dan met het schuitje, al ontstonden er al snel naalden waar méér garen op kon worden gewikkeld. Uiteindelijk is daar het ons bekende schuitje uit ontwikkeld.

Frivolité als nuttig handwerk werd reeds in de 16e eeuw toegepast door Italiaanse nonnen, al heette het toen nog niet zo. Zij maakten geen boogjes maar losse ringen die later aan elkaar werden genaaid, en er werd zowel met de naald als met het schuitje gewerkt. Vermoedelijk is daar de Italiaanse naam 'occhi' ontstaan, wat 'ogen' betekent. Wanneer en waar het handwerk precies is ontstaan is wat discussie over, maar in Arabië, Frankrijk, Italië, Duitsland en China zijn werken gevonden. 

 

Rond de rococotijd (18e eeuw) werd het knoopwerk voor het eerst frivolité genoemd. Het betekent 'lichtzinnigheid, oppervlakkige luchthartigheid'. Het was een favoriet tijdverdrijf van adellijke dames, die al handwerkend hun favoriete roddels deelden tijdens een theekransje. De schuitjes waren een stuk groter dan die nu worden gebruikt, en leken meer op de spoelen zoals vissers die gebruikten om netten te breien. De Franse spoelen waren nog groter dan de Engelse. Adellijke dames lieten zich gaarne portretteren met de spoel als statussymbool, als teken dat men geld had en dat men het zich kon veroorloven de dagen in frivoliteit door te brengen. Deze vaak kunstig bewerkte spoelen konden van goud, ivoor, parelmoer of schildpad zijn. Op het schilderij van Martha Wentworth zie je dat ze een bescheiden spoel in handen heeft. Ze trouwde weliswaar met een rijke man, maar ze was van eenvoudige komaf, zijn dienstmeid om precies te zijn.

Er werd gewerkt met grof, naturel garen, op 1 spoel of met een afgeknipte draad. Gekleurde draad, boogjes en sierpicots waren voor zover we weten onbekend. Het is dan ook de vraag of Elizabeth de la Vallée werkelijk een blauwe draad in handen had of dat dit een creatieve vrijheid van de schilder is geweest.

Na de Rococo werd het handwerk minder populair, al bleven vrouwen het nog steeds uitoefenen. Midden 19e eeuw kwam er weer een opleving. In Engeland, Europa en China verscheen het in modebladen. Er werd katoen en zijde gebruikt, en er werden zakdoekjes, kleding, lampenkappen, kleedjes, kussens, tassen en parasols gemaakt. Men werkte met twee spoeltjes of met spoeltje vanaf de bol en er werden diverse kleuren gebruikt. In 1843 werd voor het eerst het woord 'tatting' gebruikt, het Engelse woord voor frivolité. De oorsprong van het woord tatting is onduidelijk, het zou kunnen komen van 'to tattle' (kletsen), maar ook het oud-Engelse 'to tat' (knopen) komt zeker in aanmerking.

In 1850 schreef ene Mademoiselle Riego een boek over het gebruik met de naald, maar dit was anders dan de naaldfrivolité zoals wij die nu kennen. De naald werd hetzelfde gehanteerd als een spoeltje.

In 1869 werd reeds de cro-tat (met haaknaald) gepubliceerd in Harpers Bazaar. Na 1870 was de hype weer een beetje over.

Tot 1920, waar het als therapie werd gebruikt voor dames en heren in sanatoria. De kleinere spoeltjes deden hun intrede, en er werd kwalitatief goed garen gebruikt. In 1930 werd het mode in Australië, en in 1974 ontstond in Japan Takashima tatting, een Japanse methode met de haaknaald.

 

Namen voor frivolité zijn onder andere: shuttle lace, tatting, chiacchierino, orecchini, occhi, orkis, schiffchenspitzen, nupereller, makouk, encaje, espiguilha, frywolitka.

Maak simpel je website Eigen site maken