Frivolité

3a. Het maken van de dubbele knoop (double stitch)

 

Er is maar één knoop die gebruikt wordt bij frivolité, en dat is de dubbele knoop, ook wel frivolitéknoop genoemd. Deze knoop bestaat uit 2 helften.

Als je rechtshandig bent heb je in je linkerhand de draad van de garenbol en met je rechterhand houd je de naald vast. Met de boldraad maak je de knopen op de naald, en dan trek je de naalddraad door de knopen heen. Daarom wordt de draad in de naald ook wel de kerndraad genoemd.

Het is niet moeilijk, maar lastig te omschrijven. Kijk goed naar de tekeningen en filmpjes en je zult het snel doorhebben.

 

De startpositie

Hoe je de naald op de draad legt, hangt af van wat je gaat maken.

Maak je geen zorgen, bij de werkstukken gaan we hier dieper op in, voor nu is het voldoende dat je weet dat er verschillende startposities zijn. Voor het maken van de dubbele knoop maakt het niet uit, die blijft hetzelfde.

De eerste helft van de knoop

Leg de naald op de draad, op de plaats waar de knoop moet komen. Houd de naald met duim en wijsvinger van je rechterhand op de plaats.

Pak met je linkerhand de boldraad.

Doe je linkerwijsvinger onder de draad toe omhoog (naar je toe).

De naald insteken onder de linkerdraad, tegelijk de draad van je vinger laten glijden, op de naald, houd deze lus op de plaats met je rechter wijsvinger. Dit is de eerste helft.

 

De tweede helft van de knoop

Je linkerhand houdt nog steeds de draad vast. doe je linkerwijsvinger onder de draad door naar boven (van je af), draai je linkerwijsvinger naar links en tegelijk iets krommen, steek de naald in de rechterkant van de lus (van rechts naar links) en laat de draad van je vinger glijden. Dit is de tweede helft, en op je naald staat nu één dubbele knoop.

Maak zo het gewenst aantal knopen

Leg de knopen dicht tegen elkaar aan. Strak genoeg dat het mooi aansluit maar niet zo strak dat je de naald straks niet meer er doorheen kan trekken.

Wanneer je alle knopen hebt gemaakt voor de ring of het boogje, dan pak je de naald stevig vast en trek die door de knopen heen. Houd hierbij vooral de bovenste steken tegen met duim/wijsvinger van je linkerhand.

Leg deze duim/wijsvinger ook op eventuele verbindingen, opdat ze niet over elkaar heen schuiven bij het aantrekken. Zorg dat de steken niet gedraaid raken als je de naald aantrekt.

Steek tijdens het aantrekken je linker ringvinger in de lus die zo ontstaat bij het begin. Bij het maken van een ring zorg je zo dat de lus openblijft (want daar steek je straks de naald door) en bij een boog voorkom je dat de draad gaat draaien of kringelen.

Als je werk verder gevorderd is kun je zo nodig met je linkerpink het reeds gemaakte werk een beetje aan de kant houden. Als dat wat groter wordt kan het in de weg gaan zitten.

Maak simpel je website Eigen site maken