Frivolité

5a. Het boogje = ketting (chain)

Het boogje wordt op dezelfde manier gemaakt als de zelfsluitende fopring, met dit verschil dat er niet wordt aangehaakt in de beginlus.

 

Startpositie

Als met een boog wordt begonnen: leg de naald op de draad, zorg dat je voldoende werkdraad hebt.

Komt de boog direct na een ring: leg de naald strak op het eindpunt van de ring.

 

De boog zelf

Maak de dubbele knopen, trek vooral de eerste knoop goed aan.

Trek dan de draad door. Je kunt bij het aantrekken je ringvinger in de lus steken, dit voorkomt dat de draad gaat draaien. Haal dan je vinger eruit en trek de draad helemaal aan, terwijl de de steken tegenhoudt met duim/wijsvinger van je linkerhand.

 

De eindknoop

Aan het eind van een boog komt altijd een knoop om de steken op de plaats te houden. Deze knoop wordt niet genoemd in het patroon maar moet wel gemaakt worden. Als je het werk keert (WK) dan steek je de naald door de rechterdraad, als je het werk niet keert (WNK) dan door de linkerdraad. Meer info over de afsluitknoop vind je hier.

Maak simpel je website Eigen site maken